07-09-2026
Accijnsverschillen kosten Nederlandse tankstations, winkels en horeca miljarden aan omzet
Lees verder
Geplaatst op: 10-09-2026
In de kamerbrief van 4 september 2026 kondigt minister Stientje van Veldhoven (Klimaat en Groene Groei) ingrijpende nieuwe maatregelen aan om het statiegeldsysteem te vereenvoudigen en het wettelijk verplichte inzamelpercentage van 90 procent te halen. De belangrijkste wijziging is de introductie van een wettelijke innameplicht voor winkels op basis van hun winkeloppervlakte. De nieuwe regels moeten volgens het kabinet ingaan op 1 januari 2028.
Voor tankstations betekent de brief van minister Van Veldhoven een grote verschuiving. Onder de huidige regels (sinds 2021) gold de verplichte inname alléén voor bemande snelwegtankstations. Vanaf 1 januari 2028 vervalt dat onderscheid en bepaalt puur de verkoopoppervlakte van de tankshop wat de verplichtingen zijn.
Dit betekent de nieuwe wetgeving concreet in de praktijk voor grote en kleine tankstations:
Grote tankstations (shopoppervlakte vanaf 200 m²)
Grote tankstations langs snelwegen of grote provinciale wegen hebben vaak een ruime shop (zoals grotere vestigingen van Shell, Esso of TotalEnergies met een volwaardige retail- of lunchomgeving).
Middelgrote tankstations (shopoppervlakte tussen 43 m² en 200 m²)
Dit betreft het merendeel van de reguliere, bemande tankstations in dorpen en steden.
Kleine tankstations (shopoppervlakte kleiner dan 43 m² & Onbemand)
Veel kleine buurtstations, onbemand tanken) en stations met enkel een kleine bemande kiosk vallen in deze categorie.
Omdat de brief ook bepaalt dat er vanaf 2028 statiegeld komt op sap- en zuivelflessen, krijgen tankstations die verplicht moeten inzamelen te maken met een flinke logistieke uitdaging. Resten van melk, yoghurt of vruchtensap in ingeleverde verpakkingen kunnen snel gaan stinken of ongedierte aantrekken. Organisaties zoals Verpact moeten winkeliers en tankstationhouders financieel gaan compenseren voor de extra kosten van schoonmaak, elektriciteit en ruimtegebruik.
Om de lasten voor ondernemers te dragen, stelt het kabinet in de kamerbrief dat tankstations en andere winkeliers recht hebben op een kostendekkende vergoeding. Deze vergoeding, in de sector bekend als de handling fee, wordt niet door de overheid betaald, maar uitgekeerd door Stichting Verpact (de organisatie achter het Nederlandse statiegeldsysteem).
Wat dekt de kostendekkende vergoeding?
De handling fee is bedoeld om de ondernemer volledig te compenseren voor de extra handelingen en kosten die de innameplicht met zich meebrengt. Volgens de richtlijnen van het ministerie moet de vergoeding dekking bieden voor:
Hoe is de vergoeding opgebouwd?
De exacte hoogte van de handling fee wordt per verpakking (per blikje of flesje) berekend. Hoewel Verpact de specifieke staffeltarieven voor de nieuwe wetgeving nog exact moet uitrollen in een plan van aanpak, werkt het systeem op basis van de innamemethode:
Wie betaalt dit uiteindelijk?
De vergoedingen worden gefinancierd uit de producentenbijdrage. De fabrikanten van de drankjes (zoals Coca-Cola, Heineken of zuivelproducenten) betalen een bijdrage per verkochte verpakking aan Verpact. Daarnaast wordt het budget aangevuld door het niet-opgehaalde statiegeld. Jaarlijks blijft er zo’n 130 miljoen euro aan statiegeld liggen omdat consumenten verpakkingen weggooien; dit geld wordt nu verplicht ingezet om de innamepunten en vergoedingen voor winkeliers te financieren.
Naast de geldelijke handling fee krijgen tankstations die als officieel innamepunt geregistreerd staan de logistieke materialen gratis aangeleverd. Verpact levert kosteloos de speciale plastic retourzakken (retourbags), sluitstrips en barcodespecificaties aan. Zodra deze zakken vol zijn, worden ze gratis opgehaald door de groothandel (grossier) die ook de nieuwe dranken komt leveren.
Volgende week komen de eisen waaraan een tankstation moet voldoen om als officieel innamepunt geregistreerd te worden aan bod.